In Noorwegen begint de dag voor zonsopgang, wat in december weinig zegt, want die is er niet. Je trekt een overlevingspak aan over je eigen kleding — een dik oranje geval dat drijft en warm houdt — en stapt een open rubberboot in. De fjord is spiegelglad en pikzwart, de bergen zijn wit, en de lucht boven de horizon heeft een blauw dat je op foto's altijd voor een filter houdt tot je het zelf ziet.
Je zoekt niet naar orka's maar naar vogels. Waar honderden jan-van-genten en meeuwen boven het water cirkelen, zit haring, en waar haring zit, zitten orka's. Als je aankomt is het eerste wat je hoort een blaasgeluid, kort en explosief, ergens rechts van je in het donker. Daarna nog een. En dan zie je vinnen — soms vijf, soms vijfentwintig — die traag en ritmisch door het zwarte water snijden.
Wat je vervolgens ziet, is een van de indrukwekkendste jachttechnieken in de natuur. Noorse orka's drijven haring samen tot een compacte bal, houden die tegen het oppervlak en slaan er dan met hun staart doorheen. De verdoofde vissen worden één voor één opgepikt. Bultruggen weten dit en komen erop af: die nemen de hele bal in één keer, wat de orka's zichtbaar irriteert maar zelden tot conflict leidt. Dat je die twee soorten in hetzelfde stuk water op dezelfde school ziet werken, is het echte schouwspel.
Waar je op moet letten:
- De rugvin. Kaarsrecht en manshoog is een volwassen mannetje; laag en sikkelvormig een vrouwtje of jong dier. In één groep zie je meestal beide, plus de kleine vinnetjes van kalveren die strak naast hun moeder zwemmen.
- De zadelvlek achter de rugvin. Onderzoekers herkennen individuen aan de vorm daarvan, samen met inkepingen in de vin. Goede gidsen kennen namen en stambomen van de dieren in hun gebied.
- Spyhopping: een orka die verticaal omhoog komt tot net boven de ogen om rond te kijken. Vaak gericht op de boot.
- Staartslagen en volledige sprongen. Zeldzamer dan foto's doen vermoeden, maar in grote actieve groepen komt het voor.
- Stilte. Bij zeezoogdiereters zoals de Bigg's is het opvallend hoe geluidloos ze zijn. Ze jagen op dieren die hen kunnen horen, dus ze zwijgen. Dat is een heel ander gevoel dan de luidruchtige visetende groepen.
Hoe zwaar is het fysiek? Geen inspanning, veel ongemak. In Noorwegen is de kou het punt: je zit uren stil op een open boot bij temperaturen rond of onder nul, met wind erbij. Overlevingspakken worden meestal verstrekt, maar wat je eronder draagt is aan jou — thermisch ondergoed, fleece, wollen sokken, een muts die de oren bedekt en handschoenen waarmee je een camera kunt bedienen. Zeeziekte is bij alle bestemmingen een reële factor, zeker bij Bremer Canyon en de oversteek in Antarctica; neem medicatie preventief in, niet als het al begonnen is.
Fotografie. Dit is technisch de lastigste sighting uit deze hele serie. In Noorwegen fotografeer je in vrijwel geen licht: reken op ISO 6400 of hoger en een lichtsterke lens. Zet de sluitertijd toch niet te laag, want een opduikende orka is sneller dan je denkt — 1/1000 s is een redelijk compromis. Focus vooraf op het water waar je actie verwacht en houd de camera daar. Vergeet het beeld uit documentaires: je krijgt vinnen, blaaswolken en ruggen, en één keer per reis iets spectaculairs. Bescherm je uitrusting tegen zout water, en gebruik een polarisatiefilter bij helder daglicht om door het oppervlak heen te kunnen kijken. Neem ook een groothoek mee: een vin in de voorgrond met besneeuwde bergen erachter vertelt meer dan een scherpe close-up.